Nederland heeft weer eens een eerste plaats veroverd bij een wereldwijd onderzoek, ditmaal door Unicef. De resultaten van het onderzoek verschenen in het rapport Innocenti Report Card 19.

Wat wordt er gemeten?
Dit rapport:
- analyseert recente trends in het welzijn van kinderen over een periode van vijf jaar
met betrekking tot dezelfde zes sleutelindicatoren die de kern vormden van Innocenti
Rapportkaart 16, gepubliceerd in 2020:- levenstevredenheid,
- zelfmoord onder adolescenten,
- kindersterfte,
- overgewicht,
- academische vaardigheid en
- sociale vaardigheden.
- probeert de redenen voor deze trends te begrijpen en geeft suggesties om het welzijn van kinderen te verbeteren.
Wat is het resultaat?
Het rapport schetst een gemengd beeld. De afgelopen 25 jaar zijn er opmerkelijke verbeteringen in het welzijn van kinderen in de onderzochte groep landen geweest:
- gestage daling van de kindersterfte,
- algehele daling van het aantal gevallen van zelfmoord bij adolescenten en
- toename van het percentage dat scholing wordt afgerond.
Maar de afgelopen 5 jaar nam de levenstevredenheid af en daalden de academische vaardigheden in de meeste landen. Obesitaspercentages zijn ook stijgend. Deze combinatie van trends vormt een grote uitdaging voor de OESO/EU-landen. Ze zouden kinderen de voorwaarden moeten bieden voor een goede jeugd en een positieve toekomst.
Uit het rapport blijkt dat de zwaarbevochten vooruitgang op het gebied van het kind-welzijn in deze groep landen steeds kwetsbaarder wordt voor mondiale gebeurtenissen en schokken.
Elke editie van de Innocenti Report Card-serie begint met een ranglijst van landen over hoe ze het doen met belangrijke aspecten van het kind-welzijn. De rangschikking maakt gebruik van de best beschikbare vergelijkbare gegevens en is gebaseerd op de criteria kwaliteit, relevantie, dekking, recentheid, vergelijkbaarheid en variabiliteit.
Hoe meet je “welzijn van kinderen”?
De ranglijst vat samen hoe het met kinderen gaat op het gebied van geestelijke gezondheid en lichamelijke gezondheid en vaardigheden, waarbij voor elke dimensie twee indicatoren worden gebruikt.

En dan geeft dat de volgende lijst (de kleuren geven de notering in het hoogste, middelste en onderste derde deel van de lijst weer):
De ranglijst

De ranglijst wordt gemaakt met behulp van een veel toegepaste statistische methode
die de invloed van elke indicator en dimensie gelijkelijk in evenwicht brengt.
Landen komen alleen in de algemene ranglijst als er voor alle zes gegevens beschikbaar zijn
van de indicatoren zoals hierboven vermeld.
De volgende zaken vallen op:
- De drie hoogst gerangschikte landen – het Koninkrijk der Nederlanden, Denemarken en Frankrijk – staan ook alle drie in het hoogste derde deel voor alle dimensies van het welzijn van kinderen.
- Aan de andere kant staan alle onderste acht landen in de ranglijst in het onderste derde deel voor ten minste twee van de drie dimensies.
- Sommige landen – Bulgarije, Kroatië, Hongarije, Roemenië en Slowakije – scoren hoog voor geestelijke gezondheid, maar staan veel lager voor fysieke gezondheid.
- Japan, de Republiek Korea en Slovenië staan in het hoogste derde deel voor vaardigheden, maar in de onderste derde deel voor geestelijke gezondheid.
- Tsjechië en IJsland staan hoog op het gebied van lichamelijke gezondheid, maar laag op de ranglijst
voor zowel geestelijke gezondheid als vaardigheden.
De tabel presenteert daarom een gemengd patroon van relatieve sterktes en zwakke punten. Er is ruimte voor verbetering in alle landen, zelfs in die van de top van het klassement.
Welke factoren beïnvloeden de levenstevredenheid?
Waarom voelen sommige mensen zich min of meer tevreden over hun leven dan anderen? Er is veel onderzoek aan dit onderwerp gewijd en er is gebleken dat contextuele factoren in het leven van mensen een zeer belangrijke rol spelen. Deze contextuele factoren zijn onder meer:
- Activiteiten: Hoe kinderen hun tijd doorbrengen en wat ze doen kan een verschil maken voor hun levenstevredenheid. Bijvoorbeeld: fysieke activiteit en mindfulness zijn in verband gebracht met een hogere levenstevredenheid, terwijl academische druk deze weer kan verminderen.
Er is gemengd bewijsmateriaal over het verband tussen het gebruik van sociale media en levenstevredenheid. De hoeveelheid en kwaliteit van de slaap is ook in verband gebracht met geestelijke gezondheid van kinderen en adolescenten. - Relaties: Dit is een fundamenteel belangrijk aspect van welzijn. De kwaliteit van relaties met familie en vrienden, en ervaringen met pesten, geweld en discriminatie, zijn krachtige voorspellers van levenstevredenheid.
- Netwerken: De bredere gemeenschapscontext, bijvoorbeeld: als scholen en buurten veilig en vriendelijk zijn, hebben ze een positief gevolg voor het gevoel van levenstevredenheid van kinderen.
- Hulpbronnen: de beschikbaarheid van persoonlijke, familiale en gemeenschapsbronnen is ook belangrijk. Individuele ontberingen die door kinderen worden ervaren kunnen een sterkere voorspeller van hun levenstevredenheid zijn dan gezinseconomische factoren, met name in landen met hoge inkomens.
Een verdere analyse van de gegevens in het onderzoek laat het volgende zien:
- Meisjes hebben veel minder kans op een hoge levenstevredenheid dan jongens.
- De invloed van de sociaal-economische status van het gezin op de levenstevredenheid is
relatief zwak. - Regelmatig sporten houdt verband met een hogere levenstevredenheid.
- Er is geen duidelijk verband tussen de uren die aan huiswerk worden besteed en de levenstevredenheid.
- Het veelvuldige gebruik van sociale media houdt verband met een lagere levenstevredenheid.
- De frequentie van gesprekken met ouders is sterk positief geassocieerd met levenstevredenheid.
- De frequentie van gepest worden heeft een sterk negatief verband met de levenstevredenheid.