Tijd is iets waar we elke dag mee te maken hebben. Meestal karakteriseren we tijd als verdeeld tussen verleden, heden en toekomst. De voortgang van de tijd wordt belichaamd in onze ervaring. De toekomst wordt het heden en het heden wordt het verleden.
Dit vond ik op de Scientias website en heb ik een beetje aangepast. Het klinkt als een waanzinnige doorbraak, vergelijkbaar met Einsteins Algemene Relativiteitstheorie:
“Tijd is niet gewoon een lijn die van verleden naar toekomst loopt, maar heeft drie dimensies, net zoals de ruimte om ons heen. Dat beweert althans de natuurkundige Gunther Kletetschka met een nieuw theoretisch model. Het mooiste is: we kunnen het binnenkort testen.
Bestaat tijd? Het antwoord op deze vraag lijkt misschien voor de hand liggend: natuurlijk bestaat het! Kijk maar naar een kalender of een klok. Maar ontwikkelingen in de natuurkunde suggereren dat het niet-bestaan van tijd een open mogelijkheid is, en een die we serieus moeten nemen. Hoe kan dat, en wat zou het betekenen?
Het debat tussen Albert Einstein en Henri Bergson over het concept van tijd is een van de beroemdste filosofische en wetenschappelijke discussies van de 20e eeuw. Dit debat vond plaats in 1922 en had diepgaande implicaties voor zowel de natuurkunde als de filosofie.
De concepten van entropie en tijd zijn fundamenteel voor het begrip van fysische verschijnselen.
Entropie, een maat voor wanorde of de mate van verspreiding van energie in een systeem, wordt vaak geassocieerd met de tweede wet van de thermodynamica, die stelt dat in een geïsoleerd systeem de totale entropie niet kan afnemen. De ‘pijl van de tijd’ daarentegen, verwijst naar de richting waarin tijd beweegt, van verleden naar toekomst. Deze richting lijkt nauw verbonden met het gedrag van entropie. Hoe zit het met dit verband?
Tot 1904 begreep iedereen het concept van tijd verkeerd. De boeddhisten dachten dat het cyclisch was, en de christenen geloofden dat het voorbestemd was. Ook de oude Indiërs dachten dat het cyclisch was.
Voor de 70e verjaardag van Albert Einstein, gaf zijn vriend en wandelgenoot Kurt Gödel de natuurkundige een ongewoon geschenk: het wiskundig bewijs, geworteld in Einsteins eigen relativiteitstheorie, dat tijd niet kon bestaan.
Sommige filosofen beweren dat tijd een illusie is omdat het een subjectieve ervaring is die door onze eigen geest wordt gecreëerd. Ze beweren dat tijd geen objectieve realiteit is die onafhankelijk bestaat van onze perceptie ervan.
Heidegger bijvoorbeeld schreef uitgebreid over het onderwerp tijd en zijn relatie met het zijn.
Een recente studie door academici van Royal Holloway, gepubliceerd in Current Biology, laat zien hoe onze hartslag kan leiden tot verstoringen in onze perceptie van tijd.