Wat is er met Maria Magdalena gebeurd?

Maria Magdalena was de belangrijkste leerlinge van Jezus, met kop en schouders stak zij boven iedereen uit. Zij werd de “apostola apostolorum“, de apostel der apostelen genoemdZij was de eerste apostel.

Zij wordt ook een “voltooide” genoemd, iemand die de inwijdingsweg volledig heeft afgelegd. Daarin was zij uniek. Want alleen Johannes van de mannelijke leerlingen was vergevorderd op de inwijdingsweg.

Maria Magdalena was de enige die de inwijdingsweg volledig had afgelegd. Ze heeft ook nog de zevende inwijding gekregen die alleen is weggelegd voor meesters. Die wordt niet door mensen gegeven maar die wordt vanuit de geestelijke wereld zelf gegeven. (Johannes kreeg de zevende inwijding op het eiland Patmos toen hij de visioenen kreeg die wij kennen als het Boek Openbaringen).

Dit wordt min of meer aangegeven in het evangelie van Lucas, die schrijft “…Maria met de bijnaam van Magdela, van wie zeven boze geesten uitgegaan waren…” Van wie zeven boze geesten uitgegaan waren is een standaard-formulering uit de oude inwijdingstraditie. Als je een volgende stap had gezet in die inwijdingsweg, dan had je geleerd een stuk van jouw ego onder ogen te zien en te transformeren tot een positieve kracht. En elke stap werd het uitdrijven van een duivel genoemd.
De negatieve krachten heb je overwonnen, afgelegd, getransformeerd. Dus eigenlijk staat hier dat degene die de zeven inwijdingen heeft ondergaan daarmee “voltooid” is.

Zeer waarschijnlijk, alle tradities wijzen daarop, is Maria Magdalena na de hemelvaart van Jezus naar Zuid-Frankrijk vertrokken en heeft ze daar in ieder geval in de buurt van Marseille als kluizenaar geleefd. Ze is later in de buurt van Aix en Provence gestorven.

Daar in Zuid-Frankrijk heeft zij geleefd als een Meester/Ingewijde/Voltooide, die in stilte de mensen die bij haar kwamen heeft opgeleid, verder geholpen.

Legendes
In de Middeleeuwen werd het leven van Maria Magdalena ‘verrijkt’ met veel legendarische elementen. In Vita Eremetica beatae Mariae Magdalenae (9de eeuw) wordt het leven van Maria na Jezus‘ hemelvaart beschreven. Zij leeft de laatste dertig jaren van haar leven als kluizenaar in de Egyptische woestijn, met als enig voedsel dat wat de engelen haar brachten en als enige bescherming haar inmiddels meterslange haar. Als uiteindelijk een priester haar vindt, wordt zij door de engelen ten hemel opgenomen.

In de 11de en 12de eeuw werden verschillende wonderen aan Maria Magdalena toegeschreven. Deze vonden hun neerslag in de zogeheten Vita Apostolica die tezamen met de Vita Eremetica een soort blauwdruk van de nieuwe standaardlegende over Maria Magdalena. Deze blauwdruk kwam in de Legenda Aurea (‘Gulden Legende’) terecht, die door Jacobus van Voragine (circa 1226-1298) werd opgeschreven (zie voor details het bericht “Maria Magdalena in de “Gulden Legende”).

Gulden legende
De gulden legende kan als volgt kort worden samengevat. Op de vlucht voor ‘de Joden’ varen Maria Magdalena, haar zus Marta, haar broer Lazarus, een verder onbekende leerling van Jezus met de naam Maximinus en de door Jezus genezen blindgeborene (Joh 9,1-41) met de naam Sidonius, in een boot zonder zeilen naar Marseille, alwaar ze een lokale potentaat bekeren tot het christendom. Daarna gaat ieder zijns weegs: Maximinus wordt bisschop van Aix, Lazarus bekeert Marseille, Marta sticht in Tarascon een maagdengemeenschap en Maria trekt zich terug in de eenzame wildernis van La Sainte Baume, alwaar alle ingrediënten van de Vita Eremetica terugkeren.

Het is ook niet voor niets dat de beweging van de Catharen die in de 12e en de 13e eeuw in Zuid-Frankrijk en Noord-Italië ontstaan uit de in het geheim doorgegeven kennis van Maria Magdalena. Vandaar dat je zou kunnen zeggen dat Maria Magdalena de moeder van de Cathaarse beweging is.

Gnostisch ingewijde
In het grotendeels feministisch georiënteerde exegetische debat wordt ook steeds meer een beroep gedaan op de apocriefe teksten uit het begin van onze jaartelling. De belangrijksten zijn: het Evangelie van Maria Magdalena en het Evangelie van Filippus. In beide evangeliën wordt Maria als gelijke onder de apostelen gesteld, en zelfs als een uitverkoren leerling, die meer ‘kennis’ van de Heer kreeg overgedragen dan de anderen.

Een tendentieus vertaalde passage uit het Evangelie van Fillipus heeft geleid tot het breed gedragen idee dat Maria en Jezus een seksuele relatie met elkaar onderhielden.
Dan Browns The Da Vinci Code is hier het bekendste voorbeeld van. Eerder schetsten Michael Baigent, Richard Leigh en Henry Lincoln in Holy Blood, Holy Grail (1982) een van Jezus zwangere Maria Magdalena. Zij zou de mysterieuze middeleeuwse Heilge Graal (san greal) zijn waarin (nu letterlijk!) het koninklijk bloed (sang real) van Jezus is opgevangen. Dergelijke theorieën zijn al meer dan eens grondig ontkracht.

Esoterisch vrouwbeeld
Veel moderne esoterici zien in deze apocriefe geschriften een beeld opduiken van een andere kerk, de ‘echte kerk’,  zoals deze door Jezus feitelijk zou zijn bedoeld. Vooral de positie van de vrouw zou in deze setting nog onbedorven zijn.

Voor een vrouwvriendelijk christendom is de meerderheid van deze geschriften echter niet een goede vindplaats. Veel gnostische geschriften blijken feitelijk een zeer vrouwvijandige boodschap te hebben. Maria wordt gewaardeerd omdat ze haar vrouwelijkheid afgelegd heeft en een ‘man’ geworden is. De verlossing die deze gnostische teksten aanbieden is het afleggen van elke aardse band, die voornamelijk naar voren komt in lichamelijkheid, vrouwelijkheid en seksualiteit.

Liturgische gedachtenis
Op de liturgische kalender van zowel Westerse als Oosterse Kerken staat de gedachtenis van de heilige Maria Magdalena op 22 juli. In de Byzantijns-orthodoxe kerken draagt zij de titel ‘Draagster van de Heilige Mirre en Gelijke aan de Apostelen’.
Op 3 juni 2016 werd de gedachtenis van Maria Magdalena op 22 juli in de Rooms-Katholieke Kerk in opdracht van paus Franciscus opgewaardeerd tot feest. Daarmee werd zij verheven tot de apostelrang. 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.