ACO World Senior Chess Championship Kreta 2021

Eindelijk is het weer zover! Door de COVID-19 pandemie is het toernooi vorig jaar niet doorgegaan, maar dit jaar spelen we weer.

De organisatie is weer in hetzelfde beach resort op Kreta neergestreken: Fodele Beach Resort.

Route naar Fodele Beach Resort vanaf Heraklion Airport op Kreta

Het toernooi begint op 1 oktober en is 10 oktober afgelopen. Net als 2 jaar geleden ga ik hier weer een blog bijhouden van mijn vorderingen in het toernooi.

Ook dit keer staan er weer meer dan 200 deelnemers ingeschreven en zij worden op basis van FIDE ELO ranking in groepen ingedeeld:

  • A: 2201+
  • B: 2001 – 2200
  • C: 1801 – 2000
  • D: 1601 – 1800
  • E: 1401 – 1600
  • F: 1201 – 1400
  • G: 0 (no rating) – 1200

Ik kom met mijn rating van 1846 terecht in de groep 1801-2000 (groep C). In die groep spelen zo’n 60 spelers met ratings van 1809 t/m 1997.

Speelzaal groep C in Fodele Beach Resort

We spelen 9 rondes volgens het Zwitserse systeem en dat betekent dat je, in elke ronde, zoveel mogelijk ingedeeld wordt tegen iemand die het in je groep net zo goed/beroerd doet als jijzelf.

We spelen met een klassieke tijdsindeling: ieder krijgt 90 minuten voor de eerste 40 zetten en daarna nog 15 minuten om de partij uit te spelen. Wel krijgen we er bij elke zet 30 seconden extra bij. Dus dat betekent dat voor een partij van 60 zetten: 2×90 + 2×15 + 2×0,5×60 = 4,5 uur uitgetrokken wordt.

Een leuke bijkomstigheid van dit toernooi is dat er ook een aantal grootmeesters in dit resort rondlopen. Je mag hen vragen om eens mee te kijken naar je gespeelde partij en je daarbij wat tips en tricks voor spelverbetering geven. Dit jaar zijn dat Spyridon Skembris, Zigurds Lanka en Daniel King. Daarnaast is Vlastimil Hort eregast.

Vrije week

Maar voordat de schermutselingen op het schaakbord beginnen, hebben we een weekje eerder geboekt in hetzelfde hotel. We waren wel toe aan wat vakantie, want onze vorige vakantie was in 2019! De eerste dagen natuurlijk genieten van zon, zee (zwembad) en rust. Maar gisteren toch er op uit getrokken: met de bus naar Rethymno, een oud vissersplaatsje, dat nu een toeristische trekpleister is geworden. In een van de boekwinkeltjes trof ik een boekwerkje aan over een nog onopgelost archeologisch mysterie: de disk van Phaestos.

Phaestos

Phaestos is een plaatsje dat midden-zuidelijk op Kreta ligt en waar een aantal Minoïsche bouwwerken zijn opgegraven. Het zijn twee Minoïsche kastelen en zij behoren tot de belangrijkste opgravingen op Kreta.

De meeste resten in Phaestos (nu Festos genaamd) zijn van het tweede paleis, dat in 1600 v. Chr. werd gebouwd en slechts 150 jaar later alweer werd verwoest. Net als in Knossos staan in Phaestos diverse gebouwen rond een centraal plein. Wellicht het het meest tot de verbeelding sprekend zijn ook hier de vertrekken van de koning en de koningin. Verder zijn er restanten van opslagplaatsen, werkplaatsen, een klassieke tempel en het archief te bekijken.
De belangrijkste vondsten zijn niet meer ter plaatse, maar worden tentoongesteld in het Archeologisch Museum van Heraklion.

De disk van Phaestos

Een van die tentoongestelde objecten is de zogenaamde disk van Phaestos. Dit is een schijfvormige kleitablet met een doorsnede van ongeveer 16 cm. Hierop zijn aan beide kanten in spiraalvorm tekens aangebracht. De betekenis ervan is echter nog steeds een onbeantwoorde vraag, waar al velen zich het hoofd over hebben gebroken.

De disk van Phaestos

Na de vondst van de disk (op 3 juli 1908) zijn er al veel verklaringen gepubliceerd, waaronder:

  • Muziekakkoorden;
  • Hymne voor de Godin der Aarde;
  • Rechtspraak notulen met namen van rechters en getuigen;
  • Reisgids voor religieuze pelgrimsoorden;
  • Oproep voor verzet tegen de Carians (uit Caria, zuidwest Anatolië in (nu) Turkije); zij werden uiteindelijk van Kreta verdreven door koning Minos;
  • Geruststellende toespraak van koning Talaio na een grote aardbeving;
  • Protocol van een vruchtbaarheidsritueel in het Phaestos kasteel.

Leeftijd en Herkomst

Ook over de leeftijd en herkomst zijn er verdeelde meningen, maar de meerderheid neigt naar:

  • uit 1600 voor Christus;
  • “geproduceerd” op Kreta.

Dat er nog zoveel onduidelijkheid is, komt voort uit het feit dat de disk uniek is. Er is, in de gehele wereldhistorie, nooit een tweede disk of vergelijkbaar versierde kleitablet gevonden.
De aardlaag waarin de schijf is gevonden is moeilijk te dateren gezien de vele aardverschuivingen en aardbevingen die op Kreta in de afgelopen 3600 jaar hebben plaats gevonden; zelfs recentelijk, september 2021, nog een.

Stempels

Wel zijn de geleerden het eens over het feit dat de tekens op de disk zijn gestempeld. Ruim 3000 jaar voor de uitvinding van losse, herbruikbare letters door Guthenberg of Coster! Merkwaardig vind men dan weer dat er nooit een stempel gevonden is, terwijl er voor de productie van de disk zo’n 45 verschillende nodig waren.

Breaking news – Huffing Post update December 6, 2017

Scientists have been trying to decipher the mysterious “Phaistos Disk” ever since the 4,000-year-old clay disk was discovered in 1908 on the Greek island of Crete.

But no one seems to have been able to translate the mysterious language inscribed on the disk, which dates back to 1700 B.C. and the height of the Minoan civilization — until now.

Dr. Gareth Owens, who has been studying what he cheekily refers to as the “first Minoan CD-ROM,” has figured out not only what the language sounded like but also some of the meaning it conveys.

“In collaboration with John Coleman, professor of phonetics at Oxford, we spent six years producing the best possible reading,” Owens, a linguist researcher with the Technological Educational Institute of Crete, told The Huffington Post in an email.

The disk can be read in a spiral direction from the outside rim to the inside. Using what previous studies have shown about Cretan hieroglyphics, and the scripts Minoan Linear A and Mycenaean Linear B from ancient Greece, the researcher was able to identify three key words:

  • IQEKURJA, which may mean “pregnant mother” and/or “goddess.”
  • IQE, which may mean “mother” and/or “goddess” and which appears repeatedly on the disk.
  • IQEPAJE or IQE-PHAE, which may mean “shining mother” or “goddess.”

Owens concluded that the disk may contain a prayer to a Minoan goddess.

Reading the Phaistos Disk

The Philosopher’s Shirt 1/…

On the internet there is a site that combines philosopher’s ideas and T-shirt design:

The Philosopher’s Shirt.

They also have a newsletter related to Philosopher quotes or memes as they call them. I will select the parts that interested me (and that is allowed: “Of course, you can reuse the memes…“). The first one is this:

“The limits of language are the limits of my world.”

A quote from the philosopher Ludwig Wittgenstein.

Meaning of the quote/meme

Ludwig Wittgenstein (1889-1951)

What did Wittgenstein mean by that anyway? Wittgenstein is implying a limit to language in the first place. He makes it clear that there is a distinction between “what can be said” and “what we cannot talk about”. 

For example, it is not possible to talk about metaphysical things at all. We are given an idea of them, but we can not find adequate words to describe it accurately.
Wittgenstein also breaks radically with these very things. He states they are not worth talking about, since we cannot come to any generally valid conclusion about them.

Wittgenstein himself comes from the analytic school for which formal logic and mathematical proof lead to the establishment of truth. “Poetic” assumptions about the nature of people, ethics, morality, religion do not seduce him. On the contrary, he declares these parts of philosophy as closed, precisely on the grounds that we cannot say anything about them. As in proposition 7 in de Tractatus: “Wovon man nicht sprechen kann, darüber muß man schweigen.”)

Wittgenstein before and after

This may be a human error that Wittgenstein himself also grasped in his later work. He now recalled parts of his “Tractatus” from which the in-depth quote comes. One therefore also speaks of Wittgenstein I and Wittgenstein II, in order to make clear from which premises we start, when we speak of Wittgenstein’s philosophy.

Ludwig Wittgenstein

Wittgenstein was an Austrian-British philosopher who worked primarily in logic, the philosophy of mathematics, the philosophy of mind, and the philosophy of language. He is considered to be one of the greatest philosophers of the 20th century.
During his entire life only one book of his philosophy was published, the relatively slim 75-page Logisch-Philosophische Abhandlung (Logical-Philosophical Treatise) (1921) which appeared, together with an English translation, in 1922 under the Latin title Tractatus Logico-Philosophicus.

His voluminous manuscripts were edited and published posthumously.
The first and best-known of this posthumous series is the 1953 book Philosophical Investigations. A survey among American university and college teachers ranked the Investigations as the most important book of 20th-century philosophy, standing out as “the one crossover masterpiece in twentieth-century philosophy, appealing across diverse specializations and philosophical orientations“.

The Duckrabbit of Philosopher’s Shirt

In Wittgenstein’s Philosophical Investigations appears a picture of a “Duckrabbit” as they named at the site of Philosopher’s Shirt. And, ofcourse, there is a T-shirt design with this duckrabbit.

llustration of a “duckrabbit” shirt, as discussed in Wittgenstein’s Philosophical Investigations, section XI, part II

Vertellis over de Kampvuurvraag

Na mijn verjaardag liggen op mijn bureau twee cadeaus:

  • Het boek “De Kampvuurvraag” van Onno Aerden;
  • En het zelfreflectie journaal “Vertellis Chapters” van het Team Vertellis.

Ze blijken meer overeenkomsten te hebben dan je in eerste instantie zou denken. Daar kom ik zo op terug, maar eerst het gezegde van Confucius waar Aerden zijn boek mee opent:

We hebben allemaal twee levens. Het tweede begint op de dag dat we ons realiseren dat we er maar één hebben.

Dat komt erg overeen met mijn eigen levensmotto dat ik me een paar jaar geleden (de dag dat ik me realiseerde maar één leven te hebben) eigen gemaakt heb:

One life, live one

Stoic Philosophy 5/…

The Tao of Seneca

Just a few days before my 65th anniversary, I started reading the 3 volumes of “The Tao of Seneca“. They are based on the “Moral Letters to Lucilius” by Seneca, translated by Richard Mott Gummere. The compilation is by Tim Ferris and added are comments of modern stoics.

Ferris in his foreword: “I’m giving away The Tao of Seneca in the hopes that it changes your life, and I promise you that it can.

Here I will make notes, while reading the letters in the order they are presented in the book.

But first some notes about the letters themselves:

Epistulae Morales ad Lucilium

The Epistulae Morales ad Lucilium (Latin for “Moral Letters to Lucilius”), also known as the Moral Epistles and Letters from a Stoic. It is a collection of 124 letters that Seneca the Younger wrote in the last three years of his life. Before that he had worked for the Emperor Nero for more than ten years. Seneca addresses his letters to Lucilius Junior, the then procurator of Sicily, who is known only through Seneca’s writings. Regardless of how Seneca and Lucilius actually corresponded, it is clear that Seneca crafted the letters with a broad readership in mind.

He often begins with an observation on daily life, and then proceeds to an issue or principle abstracted from that observation. The result is like a diary, or handbook of philosophical meditations.

All letters start with the phrase “Seneca Lucilio suo salutem” (“Seneca greets his Lucilius”) and end with the word “Vale” (“Farewell”). In these letters, Seneca gives Lucilius advice on how to become a more devoted Stoic.
Although they deal with Seneca’s personal style of Stoic philosophy, they also give us valuable insights into daily life in ancient Rome.

Volume 1 of the Tao of Senaca holds his first 65 letters. So let’s start!

On saving time

  • While we are postponing, life speeds by.
  • Nothing, Lucilius, is ours, except time.
  • I do not regard a man as poor, if the little which remains is enough for him.

On Discursiveness in Reading

  • The primary indication, to my thinking, of a well-ordered mind is a man’s ability to remain in one place and linger in his own company. Be careful, however, lest this reading of many authors and books of every sort may tend to make you discursive and unsteady.
  • Everywhere means nowhere.
  • Accordingly, since you cannot read all the books which you may possess, it is enough to possess only as many books as you can read.
  • Do you ask what is the proper limit to wealth? It is, first, to have what is necessary, and, second, to have what is enough.

On True and False Friendship

  • If you consider any man a friend whom you do not trust as you trust yourself, you are mightily mistaken and you do not sufficiently understand what true friendship means.
  • It is equally faulty to trust everyone as it is to trust no one.
  • You should share with a friend at least all your worries and reflections. Regard him as loyal, and you will make him loyal.

On the Terrors of Death

  • No man can have a peaceful life who thinks too much about lengthening it, or believes that living through many consulships is a great blessing.
  • Most men ebb and flow in wretchedness between the fear of death and the hardships of life; they are unwilling to live, and yet they do not know how to die.
  • No good thing renders its possessor happy, unless his mind is reconciled to the possibility of loss; nothing, however, is lost with less discomfort than that which, when lost, cannot be missed.
  • Take my word for it: since the day you were born you are being led thither (ed: to your death). We must ponder this thought, and thoughts of the like nature, if we desire to be calm as we await that last hour, the fear of which makes all previous hours uneasy.

On the Philosopher’s Mean

  • He is a great man who uses earthenware dishes as if they were silver; but he is equally great who uses silver as if it were earthenware.
  • It is the sign of an unstable mind not to be able to endure riches.
  • Just as the same chain fastens the prisoner and the soldier who guards him, so hope and fear, dissimilar as they are, keep step together; fear follows hope.
  • It is as Hecato says that the limiting of desires helps also to cure fears: “Cease to hope,” he says, “and you will cease to fear.”

Hecato was a native of Rhodes, and a disciple of Panaetius, but nothing else is known of his life. It is clear that he was eminent amongst the Stoics of the period (about 100 BC). He was a voluminous writer, but nothing remains.

  • We do not adapt ourselves to the present, but send our thoughts a long way ahead.
  • Beasts avoid the dangers which they see, and when they have escaped them are free from care; but we men torment ourselves over that which is to come as well as over that which is past.
  • The present alone can make no man wretched.

Stoïcijnse Filosofie 4/…

Hieronder heb ik een aantal citaten van Seneca, Epictetus en Marcus Aurelius verzameld. De enige samenhang in de citaten is dat ze mij aanspraken.

Citaten van Seneca

Over Seneca

Lucius Annaeus Seneca (circa 5 v.C. – 65 n.C. was een Romeinse filosoof van het stoïcisme, staatsman en toneelschrijver. Vaak wordt hij kortweg Seneca genoemd, soms Seneca de Jongere. Over het exacte geboortejaar van Seneca bestaat onduidelijkheid. De meeste bronnen geven waarden die variëren tussen 5 v. Chr en 1 v. Chr.

Seneca


Seneca werd in Cordoba, Spanje geboren als de tweede zoon van Helvia en Marcus (Lucius) Annaeus Seneca. Zijn vader was een rijke rhetor die ook wel Seneca de Oudere genoemd wordt. De oudere broer van Seneca, Gallio, was proconsul in Achaia (waar hij in 52 de apostel Paulus ontmoette). Op ongeveer 30-jarige leeftijd vestigde Seneca zich als advocaat en verwierf zo een aanzienlijk vermogen. Daarnaast wijdde hij zich aan de letterkunde, de studie van de filosofie en de natuurwetenschappen [wat toen nog geen duidelijk gescheiden onderzoeksgebieden waren].

Na een periode als advocaat deed de politiek zijn intrede, hij werd quaestor en verwierf een zetel in de senaat.

In het jaar 65 werd Seneca beschuldigd van betrokkenheid bij een plot dat tot de moord op Nero moest leiden. Nero gebood hem zichzelf te doden, zonder een vorm van proces. Tacitus heeft beschreven hoe Seneca, in aanwezigheid van vrienden en zijn vrouw Pompeia Paulina, geheel stoïcijns een einde aan zijn leven maakte.

De citaten

  • Tegenslag is de beste gelegenheid om te tonen dan men karakter heeft.
  • Wie zijn heden verprutst, is de slaaf van zijn toekomst.
  • Wijsheid is een beetje minder treuren om het verleden, een beetje minder hopen op de toekomst, en een beetje meer het heden liefhebben.
  • Vergissen is menselijk, in die vergissing volharden is idioot.
  • Wie met zichzelf kan lachen is nooit belachelijk.
  • Niet willen is de reden, niet kunnen het voorwendsel.
  • Wie niet boos kan worden is een dwaas, wie het niet wil is wijs.
  • Een weg wordt lang door voorschriften, kort en efficiënt is hij door voorbeelden.
  • Onze verbeelding geeft ons meer zorgen dan de werkelijkheid.
  • Wie een weldaad bewijst moet er over zwijgen; er van vertellen moet hij, die haar ontvangt.
  • Niet nodig hebben staat gelijk aan bezitten.

Citaten van Epictetus

Over Epictetus

Epictetus, was een stoïcijns filosoof uit de 1e eeuw na Chr. en leefde van 50 tot ca. 130 na Chr. Samen met andere Romeinse filosofen als Seneca en Marcus Aurelius behoorde Epictetus tot de leidende figuren in de stoïsche filosofie in de eerste eeuwen na Christus.

Epictetus


De ethische opvattingen van Epictetus zijn opmerkelijk consistent en zijn onderwijsmethodes zeer effectief. Hij hield zich vooral bezig met integriteit, zelfdiscipline en persoonlijke vrijheid. Die laatste bepleitte hij door van zijn studenten te eisen dat zij twee centrale ideeën grondig onderzochten:

  • de eigenschap die hij “wilsbesluit” (prohairesis) noemde
  • en het juiste gebruik van indrukken.

Epictetus onderwees dat filosofie niet slechts een theoretische discipline is, maar een levenswijze. Hij geloofde dat alle externe gebeurtenissen door het lot worden bepaald en mensen daar dus geen invloed op hebben. Daarom zouden we alles wat gebeurt kalm en nuchter moeten accepteren. Maar eenieder is wel verantwoordelijk voor zijn eigen daden, die we door strenge zelfdiscipline zouden moeten onderzoeken en beheersen.

De citaten

  • Er is slechts één weg naar geluk en dat is op te houden met je zorgen maken over dingen waar je geen invloed op hebt.
  • Geef me de moed te accepteren wat niet in mijn vermogen ligt, de kracht om alles te doen wat in mijn vermogen ligt en de wijsheid tussen die twee onderscheid te maken. (Dit wordt ook aan Franciscus van Assisi toegeschreven)
  • Mensen raken niet van streek door de gebeurtenissen, maar door de manier waarop ze tegen die gebeurtenissen aankijken.
  • Wat de mens in verwarring brengt zijn geen feiten, maar de dogmatische meningen over de feiten.
  • Wil niet dat de dingen zich voordoen zoals je wil, maar beperk je ertoe de dingen te willen zoals ze zich voordoen. Dat is het geheim van het geluk.
  • Het is het werk van een onopgevoed mens anderen de schuld te geven wanneer hij zelf de oorzaak van het onheil is; zichzelf verwijten maken is het werk van iemand wiens opvoeding een aanvang genomen heeft; wie noch zichzelf, noch een ander iets verwijt, diens opvoeding is voltooid.
  • Wanneer u een rol op u neemt die boven uw macht ligt, dan zult u deze niet alleen slecht spelen, maar gaat u bovendien voorbij aan de rol die u wel had kunnen vervullen.
  • Laat er vooral stilte zijn of zeg alleen het noodzakelijke en met weinig woorden.
  • Verschans u in tevredenheid want dat is een onneembare vesting.

Citaten van Marcus Aurelius

Over Marcus Aurelius

Marcus Aurelius is geboren op 20 april 121. Hij trouwde in 145 met de dochter van de latere keizer Pius. Zestien jaar later, in 161, werd hij zelf keizer. Zijn regeertijd wordt gekenmerkt door twee thema’s. Ten eerste de toenemende dreiging van “barbaarse” volkeren in het noorden, en een grote betrokkenheid met zijn onderdanen, met name de armen. Zijn legioenen slaagden erin om de aanvallen van de Parthesiers (166) en de Germanen (167) af te slaan. Tussen deze oorlogen in voerde hij hervormingen door. In 176 ging hij opnieuw naar de noordelijke grens van het Keizerrijk met de bedoeling deze te verleggen naar de Vistula rivier.

Marcus Aurelius

Hij overleed in 180 als gevolg van de pest in het huidige Wenen, nog voordat hij aan zijn invasie kon beginnen. Hij toonde in zijn regeertijd een grote betrokkenheid met de armen in het Rijk en richtte scholen, weeshuizen en ziekenhuizen op. Daarentegen was hij meedogenloos bij de vervolging van de Christenen, die hij als een grote bedreiging van het Rijk zag, vooral doordat ze weigerden de staatsgodsdienst aan te nemen.

De citaten

  • Het leven van een mens is wat zijn gedachten ervan maken.
  • Zoals een molensteen alle soorten graan kan vermalen, zo moet een sterke ziel in staat zijn alle gebeurtenissen te accepteren.
  • De aanleiding van woede is vaak veel minder erg dan haar gevolgen.
  • Je hebt macht over je geest, niet over de gebeurtenissen buiten jou. Besef dit en je zult kracht vinden.
  • Wanneer je wakker wordt, denk aan wat een kostbaar voorrecht het is om te leven; om te ademen, om na te denken, om te genieten, om lief te hebben.
  • Verlies is niets dan verandering.
  • Beperk jezelf tot het heden.
  • Bedenk dat het niet de omstandigheden zijn die uw geest in beslag nemen. Het is alleen onze denkwijze erover die verwarring brengt.

Stoïcijnse Filosofie 3/…

In Van Dale’s Groot Woordenboek der Nederlandse taal wordt “stoïcijns” omschreven als: onverstoorbaar, gelijkmoedig, onaangedaan, gelaten. In het gewone taalgebruik noem je iemand stoicijns als hij emotieloos reageert. Met een negatieve bijsmaak.
En daarmee doen we de werkelijke betekenis van het stoïcisme, zoals dat eigenlijk bedoeld is, tekort.

Nu klopt het wel dat het in het stoïcisme gaat over hoe we met onze emoties om moeten gaan. Maar in tegenstelling tot de hedendaagse invulling streven stoïcijnen helemaal niet naar onverstoorbaar zijn. In het stoïcisme gaat het niet om het onderdrukken van je emoties en al helemaal niet over je niet laten kennen.

Pigliucci

Het gaat – zoals de filosoof Pigliucci dat zo mooi verwoord – om het bijsturen van je emoties. En dan met name negatieve (in de ogen van de stoïcijnen: verkeerde) emoties. Denk aan emoties als woede en verdriet. Met een ongelukkig leven als resultaat.
Je kunt bijsturen naar de juiste emoties als je begint in te zien waar je wel of geen invloed op hebt. Verdrietig zijn over zaken waar je geen invloed op hebt, is onzinnig. Ook is het onzin om hier veel energie aan te besteden. Waarom zou je je inspannen voor iets waarop je toch geen invloed hebt? Je kunt je beter richten op datgene waar je wel invloed op hebt.

Dit bijsturen van (verkeerde) emoties is niet negatief, eerder het omgekeerde. Je bent op zoek naar de juiste, positieve emoties.

Het stoïcisme gaat dus niet over het onderdrukken of verschuilen van emoties. Emoties zijn menselijk en het uiten daarvan ook. Wat het stoïcisme wel leert is dat we de baas moeten zijn van onze emoties.

Stoïcijnse praktijk

De oorspronkelijke “oude” stoïcijn, Zeno van Citium, was niet zo zeer bezig met het in praktijk brengen van zijn leer, het Stoïcisme of de Stoa. De praktijk kwam veel meer aan de orde bij de “nieuwe” stoïcijnen. De drie belangrijkste zijn Seneca, Epictetus en Marcus Aurelius.
De ‘leer’ van deze drie stoïcijnen is in grote lijnen gelijk, maar verschilt onderling wel in details. Het bijzondere aan deze drie is dat ze perfect weergeven dat er niet één type filosoof binnen het stoïcisme is, maar dat ze zich bevinden in alle lagen van de bevolking. Van slaven (Epictetus), staatsmannen (Seneca) tot de machtigste man uit de Romeinse tijd (Marcus Aurelius).
Het maakt dus niet uit wie of wat je bent, het stoïcisme is toepasbaar voor iedereen.

Les 1

De belangrijkste les van het Stoïcisme is dat er geen ‘goed’ of ‘fout’ is, omdat alles slechts waarneming is. Het label goed of fout dat aan die waarneming wordt gehangen, komt door de interpretatie van de waarnemer. Wat de een ‘goed’ vindt, kan de ander wel ‘fout’ vinden, want interpretatie heeft te maken met levensvisie, achtergrond, ideeën, positie of houding van de waarnemer.
Dus: niets is uit zichzelf goed of fout, maar het zijn onze gedachtes en interpretaties die het zo maken.

Les 2

De stoïcijn zal er altijd voor kiezen om alles als een mogelijkheid of een kans te zien. Ook, of juist, tegenslagen. Bij een tegenslag spelen er twee zaken:

  • laat je humeur niet bederven, maar zie de tegenslag als iets goeds, een uitdaging of een kans;
  • vind een ‘workaround’ voor de tegenslag.

Word je ontslagen? Dat is een kans om iets anders toe zoeken.
Is je huwelijk ten einde? Dat is een kans om je leven een tweede start te geven.
Word je ziek? Dat is – in het uiterste geval – een kans om je filosofie en gemoedstoestand te testen en te verbeteren.

Epictetus

Epictetus zei het zo: “Er is slechts één weg naar geluk en dat is op te houden met je zorgen te maken over dingen waar je geen invloed op hebt.”

En in wezen is de uitspraak/gebed van Franciscus van Assisi (1181-1226) daarmee vergelijkbaar:

“Geef me de moed om te veranderen wat ik kan veranderen.
Geef me de wijsheid om te accepteren wat ik niet kan veranderen. 
Geef me het inzicht om het verschil tussen beiden te zien.”

Evolutietheorie of Creationisme?

Onlangs las ik wat over de strijd die gaande is tussen de aanhangers van de Evolutietheorie van Darwin en die van een gecreëerde wereld middels een intelligent ontwerp (creationisme / intelligent design).
Ik heb een aantal boeken over dit onderwerp op mijn lijstje staan en ben begonnen met “Ancient Traces” van Michael Baigent. Een schrijver die ik kende als co-auteur, samen met Richard Leigh, van het werk “The Holy Blood and the Holy Grail“, een boek dat in 1982 verscheen.

Ancient Traces

Een van de onderwerpen die Baigent in “Ancient Traces” op de korrel neemt, is de evolutietheorie van Darwin. Darwin stelt dat alle soorten levende wezens zijn ontstaan door evolutie. In zijn theorie zou de best aangepaste vorm uiteindelijk de kans krijgen verder te evolueren.

Onze kennis met betrekking tot de wezens die miljoenen jaren geleden leefden, wordt gehaald uit fossielen en hun vindplaatsen. Volgens Baigent is het vreemd en onverklaarbaar dat we nooit fossielen vinden van de vormen die het niet gehaald hebben. Met andere woorden: waar zijn de fossielen van de niet het best aangepaste vormen?
Darwin heeft ooit zelf gezegd dat het zoeken naar een sluitende verklaring voor de evolutie van het oog hem nachtmerries bezorgde.

In feite pleit Baigent hier voor (een vorm van) creationisme als tegenhanger van de evolutietheorie.

Michael Baigent

Even wat achtergrond over de schrijver. Hij werd geboren als Michael Barry Meehan op 27 Februari 1948 in Nelson, Nieuw Zeeland en overleed op 17 Juni 2013 in Brighton, Engeland. Zijn vader verliet het gezin toen Michael 8 jaar oud was. Hij is toen verder opgevoed door zijn grootvader aan moederskant. Daarom nam hij zijn naam aan. Baigent was samen met Richard Leigh coauteur van het werk “The Holy Blood and the Holy Grail“. Dat boek bevatte de controversiële stelling dat Jezus Christus getrouwd was geweest met Maria Magdalena. Met haar zou hij een kind gekregen hebben. Na zijn kruisiging zou Maria met haar kind naar Zuid-Frankrijk zijn gevlucht.

De heilige graal (San Greal of Sang Real) zou symbool staan voor de bloedlijn van Christus die zich eeuwenlang doorgezet zou hebben. Onder andere door vermenging met grote vorstenhuizen zoals de Merovingen. Een geheim genootschap, de Priorij van Sion, zou over die afstamming gewaakt hebben, deels in samenwerking met de ridderorde van de Tempelieren.

In 2006 spanden Baigent en Leigh een proces aan tegen Dan Brown, de succesauteur van “The Da Vinci code” omdat hij zich op hun werk geïnspireerd zou hebben. De rechter wees die plagiaatklacht toen af omdat veel van dat materiaal ook elders beschikbaar was. Bovendien hadden Baigent en Leigh al veel geld verdiend omdat, na het succes van “The Da Vinci code“, gretig werd gegrepen naar een herdruk van “Holy Blood, Holy Grail“.

Darwin’s nachtmerrie

Terugkomend op de nachtmerries van Darwin: in middels is bekend dat er vele diersoorten met allerlei eenvoudiger vormen van ogen bestaan. Bijvoorbeeld een orgaan dat alleen licht of donker waarneemt, of een netvlies zonder lens. Het oog kan dus ook stapje voor stapje uit primitievere versies zijn ontstaan. Daarbij was elke tussenvorm nuttig voor het organisme. Dus hoewel mutaties willekeurig ontstaan, blijven daarvan alleen de aan het milieu best aangepaste over.

Maar nu terug naar de “Ancient Traces” waarin twijfel wordt gezaaid over de juistheid van de evolutietheorie tegenover die van het creationisme.

Creationisme

Het creationisme is de religieus geïnspireerde overtuiging dat het universum is ontstaan door een scheppingsdaad. Deze scheppingsdaad impliceert een schepper en kan gezien worden als een vrij plotseling en eenmalig gebeuren, maar ook als een geleidelijk en voortgaand proces.

Evolutietheorie

De evolutietheorie is de natuurwetenschappelijke verklaring voor de verscheiden-heid aan soorten op de planeet Aarde. Ze beschrijft het proces waarbij erfelijke eigenschappen binnen een populatie van organismen veranderen in de loop van de generaties. Dit is dan het gevolg van genetische variatie, voortplanting en natuurlijke selectie.

De Vier Kwarten

Lang, heel lang geleden (1985 denk ik), in een ver, heel ver land (Zuid-Korea om precies te zijn), had een oude, blinde waarzegster drie voorspellingen voor mij:

  1. Ik zou carrière maken door te werken met machines;
  2. Ik zou twee kinderen krijgen;
  3. Ik zou achtenvijftig of vijfentachtig jaar oud worden.

Als ze met machines computers bedoelde is voorspelling één uitgekomen. Hetzelfde geldt voor de tweede, al was toentertijd de moeder van die kinderen nog niet in beeld (dat duurde nog vijf jaar). De derde voorspelling tenslotte, zorgde een aantal jaar gelden voor toch wat spanning, toen mijn 59ste verjaardag in zicht kwam. Ging ik het halen?

Nu kan ik opgelucht ademhalen en ervan uitgaan dat de oude dame vijfentachtig bedoelde en dat ik de vergissing mag wijten aan mijn, door dyscalculie, geteisterde geheugen of de gebrekkige vertaling vanuit het Koreaans (쉰 여덟 is 58 en 여든 다섯 is 85).

Dus op weg naar die vijfentachtig!

Filosofietje

En dat brengt mij op mijn filosofietje van de vier kwarten. Als je vijfentachtig mag worden, kun je je leven verdelen in vier kwarten van ieder ruim eenentwintig jaar.

  1. Het eerste kwart is bedoeld voor een onbezorgde jeugd.
  2. In het tweede kwart wordt er gestudeerd en carrière gemaakt.
  3. Het derde kwart zorgt voor het sluiten van een huwelijk, het afbetalen van een hypotheek en het opvoeden van kinderen.
  4. En dan mag je in het vierde kwart weer in alle rust van het leven genieten.

Zo is en zal mijn leven verlopen, maar er zijn mensen die kwart twee en drie omwisselen. Helaas zijn er ook die nooit aan het vierde kwart zijn toegekomen…

Kosmologie 2/…

Zoals in de vorige bijdrage beschreven is ongeveer 95% van de materie en energie in onze kosmos nog ongedefinieerd ofwel “dark“. Laten we eens kijken naar de pogingen die er door de eeuwen heen gedaan zijn om het ontstaan, en de samenstelling van, onze kosmos te begrijpen.

Een gravure uit het boek L’atmosphère: météorologie populaire uit 1888 van de Franse astronoom Camille Flammarion

In het boek waar bovenstaande gravure voor ontworpen is, staat een toelichting: “Un missionaire de moyen âge raconte qu’il avait trouvé le point où le ciel et la terre se touchent… (‘Een missionaris uit de middeleeuwen vertelt dat hij de plek heeft gevonden waar de hemel en de aarde elkaar raken…’)”.
Dit geeft een mooi beeld van de zoektocht waar ik het over wil hebben.

Vooraleer de mens zich een beeld wilde vormen van de kosmos, was hij geinteresseerd in het beeld van de aarde daarin.

Kosmologie en de Bijbel

In de Bijbel staat niets vermeld over de aarde als planeet of als bol. Het idee dat de aarde een bol was, werd ontwikkeld door de Grieken in de 6e eeuw voor onze jaartelling.

Genesis

In het boek Genesis wordt de aarde van voor de schepping voorgesteld als woest en leeg en de duisternis lag over de watervloed. De driedelige wereld van hemel, aarde en onderwereld dreef in Tehom, de mythologische kosmische oceaan, die de aarde bedekte totdat God het uitspansel op de tweede dag geschapen zou hebben om het water in hogere en lagere delen te verdelen. Water boven het uitspansel of gewelf en water onder het gewelf. Aan het gewelf, ook wel Firmament genoemd, zijn de sterren bevestigd en waarachter wind, regen en sneeuw gelegen waren.

De Griekse kosmologie

Rond de tijd van het hellenisme werd het geocentrische wereldbeeld van de Ionische natuurfilosoof Anaxagoras (500-428 v.Chr.) populair. Daarin stond de aarde onbeweeglijk in het centrum van het heelal en de zon, de maan en de planeten draaiden om de aarde. De hemellichamen werden verondersteld vastgemaakt te zijn aan doorzichtige ‘sferen‘ of bollen die in elkaar nestelden en door hun draaiingen de indruk van de banen der planeten en sterren gaven.

Anaxagoras’ kosmologie

Volgens Anaxagoras was de oorspronkelijke toestand van het universum een oerchaos, gebaseerd op de theorie van het apeiron (het Oneindige) bij Anaximander (610 – 547 v.Chr.) die de ‘vader van de kosmologie‘ wordt genoemd. Van hem zijn de stellingen afkomstig dat de banen van hemellichamen niet aan de horizon stoppen, dat de aarde zweeft in de ruimte en dat de hemellichamen op verschillende afstanden van de aarde staan. Latere filosofen namen die ideeën over, maar hielden vast aan de platteaardetheorie. Mogelijk bedacht Anaximander ook de notie van de draaiende sterrensfeer. Die is hoe dan ook een Griekse uitvinding en gaat niet terug op Babylonische voorstellingen

Anaxagoras stelde de oerchaos voor als een oneindig grote verzameling van ongedifferentieerde en ongestructureerde stoffelijke deeltjes, die hij Spermata noemde. Deze oerelementen hebben altijd reeds bestaan en er is in zijn kosmologie geen sprake van ontstaan of vergaan van de wereld. Belangrijk in dit opzicht is dat Anaxagoras als eerste filosoof een abstract filosofisch begrip heeft ingevoerd, namelijk de Nous (Geest). Deze Nous moet opgevat worden als een denkende, redelijke, almachtige, maar onpersoonlijke Geest. Dankzij deze geest is er uit de oer-chaos een welgeordende wereld ontstaan. Het lijkt er op dat Anaxagoras deze Nous alleen als een soort van onbewogen beweger beschouwt, die, na de eerste stoot gegeven te hebben, de schepping verder aan zijn lot overlaat.

Anaxagoras


Anaxagoras zocht overal zuiver natuurlijke, mechanische oorzaken. Omdat, volgens hem, in elke kiem alle kwaliteiten aanwezig zijn: Alles is in alles (Homoiomeria), is overgang van de ene stof in de andere mogelijk, doordat hij meer of minder van een bepaalde kwaliteit krijgt. Zo konden uit een veranderende samenstelling van verschillende oerdeeltjes alle stoffen en objecten gevormd worden. Ontstaan en vergaan zijn slechts schijn want de dingen veranderen slechts in compositie en inhoud.
Alle hemelse objecten waren volgens hem stoffelijk: de zon een gloeiende steen, de maan was een brok aarde. Dit was in tegenstelling tot de (religieuze) overtuigingen van die tijd. Plato liet, in zijn boek Apology, Socrates het volgende tegen Meletus, die Socrates beschuldigde van het volgen van de ideeën van Anaxagoras, zeggen:

My dear Meletus, do you think you are prosecuting Anaxagoras? Are you so contemptuous of the jury and think them so ignorant of letters as not to know that the books of Anaxagoras of Clazomenae are full of those theories, and further, that the young men learn from me what they can buy from time to time for a drachma, at most, in the bookshops, and ridicule Socrates if he pretends that these theories are his own, especially as they are so absurd?

Het boek van Anaxagoras (dat verloren gegaan is) was toen dus blijkbaar een koopje: je kon het al kopen voor één drachme!

Aristarchus en Ptolemaeus

Aristarchus (ca. 310 – 230 v.Chr.) ging in zijn boek Over de afmetingen en afstanden [van de Zon en de Maan] uit van een alternatief: het heliocentrische wereldbeeld. In dit werk probeerde Aristarchus te bewijzen dat de afstand van de Zon tot de Aarde 20 keer zo groot is als van de Maan tot de aarde.

Hij meende dat de maan geen licht uitzond, maar slechts het zonlicht reflecteerde. Daardoor kon hij de relatieve afstand tot zon een aarde bepalen, en wel als volgt: bij halve maan is de hoek Zon-Maan-Aarde 90°. Op hetzelfde moment mat hij de hoek Maan-Aarde-Zon. Dit lukte niet goed, want die hoek is moeilijk te meten, maar zo kon hij de relatieve lengten van de zijden Aarde-Maan en Aarde-Zon berekenen (gebruikmakend van de stelling van Phytagoras!).
Ook vergeleek hij in datzelfde boek de middellijn van de Aarde met de middellijn van de Maan. Die was af te leiden uit de schaduw van de Aarde op de Maan bij maansverduisteringen. Door die schaduw te bekijken, meende hij te zien dat de Aarde drie keer zo groot is als de Maan, wat een redelijk goede benadering is.
De Zon is verder weg dan de Maan en aanzienlijk groter dan de Aarde – Aristarchus kwam uit op achttien tot twintig keer (in werkelijkheid ongeveer 500 keer). Op grond van deze verhouding in grootte, kwam hij tot de conclusie dat de Aarde om de Zon moet draaien in plaats van andersom.
Samengevat was dus volgens hem de Zon het centrum van het heelal, bewoog de Aarde in één jaar om de Zon en in één dag om haar eigen as en was de sfeer van de sterrenhemel onbeweeglijk. Omdat de sterren geen zichtbare parallax vertoonden, veronderstelde hij dat de sterren zeer ver weg waren. Het is echter niet zeker of hij dit slechts als hypothese overwoog of als bewezen propageerde.

Zijn ideeén hielden echter geen stand en werden verdrongen door die van Ptolemaeus.

Claudius Ptolemaeus beschreef in 140 na Chr. een geocentrisch beeld van het zonnestelsel. Zijn opvattingen over astronomie, bekend als het Stelsel van Ptolemaeus, hebben meer dan 1400 jaar, tot ver na de middeleeuwen, deze wetenschap in West-Europa en Arabië beheerst.

Het zonnestelsel volgens Ptolemaeus


Ptolemaeus heeft de epicykel-theorie van Hipparchus vervolmaakt. Met het sterren-model van Aristoteles kon namelijk niet verklaard worden waarom de planeten zich soms snel, soms langzaam, en soms zelfs achteruit, aan de hemel schenen te bewegen. Door de planeten cirkelbewegingen op cirkelbewegingen te laten maken, lukt dit Ptolemaeus wel.
De werken van Ptolemaeus over astronomie zijn overgeleverd in het Arabisch en werden door de Arabische astronomen Kitab al-Madjisti genoemd, wat Het grootste boek betekent. Dit werd later verbasterd tot Almagest (het zeer grote). De Almagest bevatte ook een sterrencatalogus en een lijst van 48 sterrenbeelden die al door Hipparchus beschreven waren.

Kosmologie 1/…

Tijdens mijn studie natuurkunde aan de Rijks Universiteit te Utrecht, had ik als bijvak Sterrenkunde. Binnen dat vak gebied ben ik altijd geinteresseerd geweest in de kosmologie, de ontstaansgeschiedenis van onze kosmos of heelal. Ik wil daar een aantal onderwerpen uitlichten.

Dark Matter en Dark Energy

Wat is dat nu weer? Donkere materie en donkere energie?

Het zijn begrippen uit de kosmologie en zijn bedoeld om ons momentele gebrek aan kennis over de samenstelling van de kosmos te “verhullen“.
Het blijkt namelijk dat we slechts zo’n 5% van de materie en energie “kennen” die noodzakelijk is om ons heelal bij elkaar te houden, dan wel met versnelling te laten expanderen. Waar is de rest?

Die ontbrekende 95% wordt in de kosmologische literatuur “dark matter” en “dark energy” (donkere materie en donkere energie) genoemd.

Voor een goed begrip: we hebben het hier over materie en energie die niet zichtbaar is met optische middelen en dus niet te detecteren is via de elektromagnetische straling die de aarde bereikt. Op dit moment schatten de kosmologen de volgende verhouding van de zichtbare en onzichtbare materie en energie in:

  • 74% donkere energie
  • 22% donkere materie
  • 4% waarneembare (detecteerbare) materie en energie

De ontbrekende materie en energie is noodzakelijk om de bewegingen van sterren en sterrenstelsels in ons heelal (zoals we die op aarde waarnemen) consistent te houden met onze zwaartekracht- en relativiteitstheorie.

Dark matter en dark energy verhouding

Je zou ook de oplossing kunnen zoeken in antwoorden op vragen als:
Zijn onze waarnemingen wel correct?
Is onze zwaartekracht- en relativiteitstheorie wel correct?

Of zelfs:
Wordt ons heelal misschien wel bij elkaar gehouden door God?

Voordat we daar op ingaan, eerst wat achtergronden en geschiedenis.

Het eerste idee van Dark Matter

Het was een Nederlander die als eerste (in 1932) het idee lanceerde dat er ontbrekende materie moest zijn om ons Melkwegstelsel intact te houden: Jan Hendrik Oort. Zijn berekeningen waren niet correct, maar een jaar later bewees Fritz Zwicky de theorie van Oort met de correcte berekeningen.

Opnieuw getoetst

Veel later (in 1978) werd de theorie opnieuw getoetst door Vera Rubin en Kent Ford. En zij vonden dat de buitengebieden van spiraalstelsels sneller ronddraaien dan verwacht mocht worden op grond van hun bekende massa. Er zou daarvoor meer massa aanwezig moeten zijn.
Dit fenomeen werd vanaf toen het melkwegstelseldraaiingsprobleem genoemd.

Oerknal of “Big Bang

Donkere materie is ook een mogelijke oplossing voor bepaalde inconsistenties in de theorie van de oerknal. De oerknal of big bang is de populaire benaming van de kosmologische theorie die op basis van de algemene relativiteitstheorie aannemelijk maakt dat 13,8 miljard jaar geleden het heelal ontstond uit een enorm heet punt (ca. 1028 K), met een bijna oneindig grote dichtheid, ofwel een singulariteit. Tegelijkertijd met de oerknal zouden ruimte en tijd zijn ontstaan. De theorie is onder meer gebaseerd op de waarneming van het voortdurend uitdijende heelal, in het bijzonder de roodverschuiving van de spectraallijnen van licht van verre sterrenstelsels. Dit wordt veroorzaakt door het zogenaamde dopplereffect.
Die singulariteit is strijdig met de algemene relativiteitstheorie, want daarin is een oneidig grote dichtheid onmogelijk.
De vraag is dus ook of we met onze theorieen, die de extrapolatie van het uitdijende heelal, terug in de tijd, moeten ondersteunen, wel dicht genoeg bij het begin kunnen komen. Er wordt dan ook veel gediscussieerd over tot hoe dicht we bij de singulariteit kunnen extrapoleren, maar zeker is dat we niet dichterbij kunnen komen dan tot ongeveer 10−43 seconde na het ontstaan van het universum.

Big Bang of Oerknal van bijna 15 miljard jaar geleden

Zwarte gaten of “Black Holes

Het lijkt voor de hand te liggen om een relatie tussen donkere materie en zwarte gaten te veronderstellen. De kern van een zwart gat bestaat ook uit een singulariteit en lijkt daarmee op het begin van de kosmos.
Zouden de zwarte gaten in feite de donkere materie zijn? Ook hier tast men nog in het duister; het is zelfs zo dat het opnemen van donkere materie door zwarte gaten (meestal bevinden die zich in het centrum van een sterrenstelsel) impliceert dat er donkere materie verdwijnt uit de rest van het sterrenstelsel.
Dit legt weer beperkingen op aan de theorieën over de snelheid en richting van de donkere materie deeltjes. Het verklaren van de aard van donkere materie is een van de grote problemen van de kosmologie.

Noodzaak van donkere energie of Dark Energy

Naast donkere materie is er ook donkere energie noodzakelijk om, met name, de versnelling van het uitdijen van het heelal te verklaren.
Einstein wilde in eerste instantie niet geloven dat het heelal uitdijde. Daarom introduceerde hij in 1917 al een kosmologische constante in zijn veldvergelijkingen. Die konstante voorkwam dat het heelal, volgens zijn theorie, door de zwaartekracht zou instorten. Na de ontdekking van de uitdijing van het heelal trok Einstein het idee van deze anti-zwaartekracht in en noemde dit idee “zijn grootste blunder”.

Versnelling eist negatieve zwaartekracht

In de jaren negentig werd aan de hand van de studie van verre supernovae, ontdekt dat de uitdijing van het heelal zo’n vijf miljard jaar na de oerknal is gaan versnellen. De enige manier om dit te verklaren was het introduceren van een onbekende kracht die zich gedroeg als een kosmologische constante en werkte als een negatieve zwaartekracht. Deze kracht, of energie, werd donkere energie genoemd en er is nog geen afdoende verklaring voor gevonden. Een verklaring kan zijn dat “lege” ruimte zijn eigen energie heeft. Omdat dit een eigenschap van ruimte zelf is, kan ze niet “verdunnen” als gevolg van een expanderende ruimte… Andersom: als er meer ruimte ontstaat, is er ook meer van dergelijke energie.

Quintessence, het vijfde element

Sommige kosmologen hebben deze donkere energie ook wel “quintessence” genoemd, naar het vijfde element in de Griekse filosofie (ook wel aether genoemd). Volgens de Griekse filosofen zou dit element de ruimte boven de aardse sfeer vullen. En dit werd ook in de middeleeuwen geloofd. Maar dat verklaart dus evenmin iets.

Kosmologie en Darwin

In het boek Character of Physical Law van Richard Feynman las ik het volgende: “According to modern physical cosmology, our universe evolved from a very special, remarkably simple beginning. During the initial stages of the Big Bang, the matter in the universe was in thermal equilibrium at an extremely high temperature, almost perfectly uniform in composition and density. Since then, the universe has expanded and cooled. The structures we see today, ranging from clusters of galaxies to individual galaxies to stars and planets, emerged through gravitational instability from extremely small deviations from perfect uniformity (about one part in ten thousand).
More specifically, regions containing slightly more than the average density of matter attracted surrounding matter more effectively than less dense regions, thus getting denser, in a self-reinforcing cycle, until they condensed into the structures we see today.

Hierbij deed de term “extremely small deviations” mij denken aan de evolutietheorie van Darwin.